AI
Play Sound

Wederzien

Ik sprak haar zolang en ik weende en ik loeg,
Ze zei mij niet veel maar ze zei mij genoeg.

Ik moest haar verhalen mijn schuld en mijn spijt,
Mijn lijden, mijn wanhoop, mijn lastigen strijd.

Ik sprak haar zolang en nog langer ik wou,
Van al wat ik wenste en van al wat ik zou.

En als ik haar weer om vergiffenis vroeg,
Ze zei me niet veel maar ze zei mij genoeg.

En weder hernam ik, en weder begon,
En voelde niet dat ik niet eindigen kon.

En weder hernam ik, en stamelde, en zei,
Totdat ze op mijn mond haar klein handeken lei

Totdat er een traan in haar ogelijn hing,
En 't woord me voorgoed op de lippen verging.

Dan zweeg ik en weende, dan zweeg ik en loeg.
Ze zei mij niet veel maar ze zei mij genoeg.
AI-video video Wederzien
AI
Speel het regenlied af

Regenlied

De lucht is betrokken, de wind is stom,
en de regen, de regen ruist alom.
O regen, goê regen, wellekom!

Ei 't zingt en het zoeft op blad en op blom,
als zochten er bijen naar zeem, zom, zom,
O ruisende regen, wellekom!

Wie brandt er die geurige wierookgom,
en wijdt er het veld tot een heiligdom?
O riekende regen, wellekom!

Wel schoon is een blauwe hemelkom,
doch schoner de regen die ruist alom!
O regen, mijn regen, wellekom!

AI-video video regenlied